Ethiopie, deel 1
created on:
2002-08-08
Dag 173, donderdag 11 juli 2002

Na een goede nachtrust vervolgen we vanochtend onze weg naar Gallabat. Overal zijn wegwerkers hard bezig en we verwachten dat hier binnen nu en een jaar toch wel een erg goede verbindingsweg tussen Soedan en Ethiopië zal liggen. Na een uurtje of drie rijden, en een registratiepost op onze weg, komen we aan in Gallabat. We worden doorverwezen naar de 'immigration', waar op dat moment niemand aanwezig is. Omdat we toch al honger hadden, gaan we bij de auto wat eten en hopen maar dat het niet te lang gaat duren voor de beambte van zijn luch terug komt.
Als we net een sinaasappeltje zitten te eten, worden we gelukkig al geroepen en binnen de kortste keren is ons paspoort gestempelt. Er wordt helemaal niet meer gevraagd naar een registratiestempel van Khartoum, dus we zijn blij dat we daar het geld niet aan uitgegeven hebben. Bij de 'customs' gaat het al net zo vlot en terwijl onze gegevens opgeschreven worden, kletsen we met twee jongens die erbij zijn komen zitten. Ik, Sas, vraag meteen maar of we ergens ons geld van Dinars naar Birrs kunnen wisselen en dat is geen probleem.
Als ons carnet is afgestempeld, gaan we met een van de jongens een drankje drinken. Terwijl we aan een tafeltje van onze Stim genieten, komt de andere jongen ons de koers vertellen. Volgens mijn berekeningen die ik in onderweg al heb gemaakt, is het een erg goede koers en dus gaan we akkoord. We nemen afscheid en ik krijg zijn kettinkje als aandenken kado. We vinden het leuk dat we op een voor Soedan zo typische manier van het land afscheid kunnen nemen en zijn benieuwd wat ons in Ethiopië te wachten staat.
Aan de andere kant van de brug zien we de ethiopische vlag al hangen. We worden hartelijk ontvangen en meegenomen naar het kantoortje van de 'immigration'. We vullen een kaart in met onze gegevens en krijgen dan nog een leeg papiertje met de vraag of we suggesties hebben voor de 'suggestion box' !! Natuurlijk weten we niet of ze er echt iets mee doen, maar we vinden het een erg goed initiatief. Onze suggestie is dat ze ook een bord aan de straatkant moeten zetten, zodat het duidelijker is waar je naar toe moet. Wie weet staat deze er dus binnenkort wel...
Als we verder rijden wordt er van alle kanten geroepen en gezwaaid. Vooral de kinderen gillen enthousiast 'you, you, you', wat ze hier blijkbaar gebruiken om blanken aan te spreken. Het Ethiopië wat we te zien krijgen is zo anders dan de beelden die we kennen van televisie. We rijden door een schitterend groen landschap met weiden en bomen omringd door heuvels. De temperatuur is ook al aardig gedaald en het is heerlijk om door dit frisse landschap te rijden.
In Shehedi moeten we nog even naar de 'customs' om wat zaken te regelen. We vragen ook na hoe het zit met een autoverzekering en ze vertellen ons dat we dat in Gonder kunnen regelen, al is het niet verplicht. Dit is mooi om te weten, want dan hoeven we daar ons geld niet aan uit te geven. Omdat het alweer over vieren is en we een lange rit achter de rug hebben, zetten we de auto achter het hek en blijven we op het terrein slapen.
We hebben de auto nog niet in orde gemaakt of het begint een beetje te regenen. Terwijl we binnen wat werken aan het dagboek begin ik het steeds frisser te krijgen en heb ik zelfs kippevel! Nieuwschierig naar de temperatuur draai ik de contactsleutel om en komen we erachter dat het maar 23 graden is. Vergeleken bij de 45 tot 50 graden van de afgelopen tijd is dit toch echt wel koud, brrrrrrrrrrrrrr!
Dag 174, vrijdag 12 juli 2002

We nemen afscheid van de douanebeambten en rijden daarna aan richting Gonder. De omgeving die we hier zien komt totaal niet overeen met het beeld dat we van Ethiopië hadden. Van de droge vlaktes en hongerige mensen is totaal niets te zien, in tegenstelling, we rijden door een enorm groen berglandschap waar Frankrijk bij verbleekt. We rijden nu nog over een grindweg, maar ze zijn, net als in Soedan, hard bezig om hier een goede asfaltweg aan te leggen.
The landscape on the way to Gonder

|

|
De dorpjes die we passeren bestaan uit huisjes waarvan de muren van hout en leem zijn en de daken hetzij van riet, hetzij van glimmende golfplaten die fel het zonlicht weerkaatsen. De kleding van de mensen is voor ons een beetje tegenstrijdig. Soms zie je mensen die al met dikke kleden rondlopen, maar ook zie je mensen in korte broeken. In ieder geval is het duidelijk dat ze hier niet gebonden zijn aan strenge godsdienstige eisen zoals hoofddoeken voor de vrouwen en lange broeken voor de mannen.
We rijden aan een stuk door naar Gonder en komen na vier en een half uur aan. In het centrum van de stad willen we ons even orienteren maar hier krijgen we weinig kans voor want we worden meteen aangesproken door wat jongetjes. We vragen aan ze waar het Terara Hotel is en twee jongetjes zeggen dat ze wel de weg willen wijzen. We gaan echter niet op hun aanbod in en een andere jongen wijst ons in de goede richting. Als we aanrijden rennen de twee andere jongetjes toch voor onze auto uit terwijl ze roepen dat ze een goedkoper alternatief hebben. We kijken het even aan en even later staan we, met twee hijgende jongetjes, voor de poort van het Belegez Pension. Iets anders dan we in gedachte hadden, maar we kunnen in ieder geval met onze auto binnen de poort staan en alles ziet er netjes uit.
Als we de stad in willen lopen worden we weer vergezeld door dezelfde jongetjes. We schenken er niet veel aandacht aan en uiteindelijk zeggen ze dat ze morgenvroeg wel naar het hotel komen en laten ons daarna met rust. We gaan een tentje binnen waar het enige gerecht dat ze hebben spaghetti met saus is. Jammer genoeg valt de saus wat tegen, deze is een beetje flauw, maar slecht is het eten niet en onze buikjes zijn weer gevuld.
Via een klein straatje lopen we een blokje om en komen zo ook een klein bakkertje tegen. Het is wel grappig om te zien dat alle landen hun eigen soorten brood hebben. Hier hebben ze weer ronde brooden in verschillende maten en versiert met figuurtjes.
Terug bij het persion maken we de auto in orde en proberen daarna ons reisdagboek weer bij te werken. Echt veel komt hier niet van terecht want de manager van het pension nodigt ons uit voor een koffie-ceremonie. Vandaag is de laatste dag van de vastenperiode hier en dat wordt nu overal gevierd. We zitten met ongeveer 10 mannen en vrouwen in een kring om de eigenaresse heen die met een houtskoolvuurtje en een heel mooi potje de koffie aan het bereiden is. Ook krijgen we een soort koek dat gemaakt is van de typische ethiopische 'pannekoeken' waartussen nog een vulling zit. De vulling is een beetje pittig en we vinden het nou niet echt bijzonder. Sas heeft een erg groot stuk gekregen maar gelukkig vind Bara de koek wel zeer lekker en dus weet ze stieken een groot deel zijn kant op te werken.
De gezellige middag wordt verstoord als de donkere dreigende wolken ons trakteren op een flinke regenbui. Samen met twee oostenrijkse jongens, die net aangekomen zijn, staan we onder het afdak wat te kletsen terwijl de regen met bakken uit de hemel komt en Bara zich achter ons verschuilt vanwege de donder. Na een kwartiertje is de rust weer wedergekeerd.
's-Avonds lopen we met de twee jochies nog even naar een internet mogelijkheid. Het is hier echter enorm duur en dus halen we alleen het mailtje van Robs op zodat we weten wat zijn plannen zijn. Hij verwacht dat we 4 augustus in Nairobi op het vliegveld staan en wij hopen dus maar dat dat ook gaat lukken. Gelukkig hebben we nu nog wel genoeg tijd om rustig wat dingen in Ethiopië te bekijken.
Dag 175, zaterdag 13 juli 2002

Als we wakker worden hebben we het echt koud, het is maar 14 graden dus de fleecetruien gaan snel aan. Ook Bara moet wennen aan de temperatuur, zoveel als hij de afgelopen tijd heeft lopen hijgen, zo hard zit hij nu te trillen.
The Royal Enclosure gardens in Gonder

|
Om negen uur staan de jochies bij onze auto om met ons mee te wandelen naar de 'Royal Enclosure', een enorme tuin met verschillende kastelen. Bij de entree schrikken we van de prijzen die op het bord vermeld staan, zeker als we zien dat we 75 Birr (= ruim 10 euro) moeten betalen om video-opnamen te mogen maken. We vinden dit belachelijk en besluiten om dan maar alleen dia's en digitale foto's te maken. Gelukkig mogen we de video kamera wel voor digitale foto's gebruiken, al vertrouwen ze het niet helemaal en willen ze wel het videotapeje na afloop controleren.
Omdat er volgens de man bij de entree geen gidsen beschikbaar zijn lopen we eerst zelf rond. Al snel komen we er echter achter dat dat geen succes is, want in onze reisgids staat amper iets beschreven en dus dwalen we een beetje rond. Als we een groepje zien met gids, gaan we snel vragen of hij ons dadelijk rond wil leiden. Gelukkig is de man bijna klaar met zijn rondleiding, maar dan komen we erachter dat hij bijna geen engels spreekt. Uiteindelijk hebben we het toch voor elkaar en kunnen we met een andere gids op pad. Het is een erg aardige man, hij praat goed engels en weet ons veel te vertellen.
We krijgen een uitgebreide rondleiding door de tuinen, waarbij we de verschillende kastelen van buiten kunnen bewonderen. Jammergenoeg is het meest indrukwekkende kasteel, gebouwd door Keizer Fasilidas rond 1640, gesloten i.v.m. een renovatie. Het is een world heritage site van de Unesco en de bedoeling is dat het na de renovatie als museum dienst gaat doen.
Na de rondleiding lopen we zelf nog op ons gemak rond om foto's te maken en als we willen kunnen we aan het eind van de dag nog terugkomen. Met een andere stand van de zon is het dan misschien nog mooier om foto's te maken, maar of we dit doen gaat helemaal afhangen van het weer.
The bathhouse of Fasilidas in Gonder

|

|
Nadat we 2 uur door de kastelentuin gewandeld hebben lopen we terug naar de auto, waar we Bara uitlaten en de digitale foto's inladen in de laptop. Daarna staan de jongetjes alweer op ons te wachten om ons mee te nemen naar de 'Debre Birhan Selassie Church'. We komen er nu alleen achter dat het 12.00u is en volgens de jochies is de kerk dan gesloten. We besluiten om dan nu maar een wandeling naar het badhuis van Fasilidas te maken, zo'n 2,5 kilometer verderop.
Bij het badhuis hoeven we alleen ons betalingsbewijs van het Royal Enclosure te laten zien, maar ook hier gelden helaas dezelfde regels voor het filmen. Als we de tuin inlopen waar het badhuis en paviljoen van Keizer Fasilidas zich bevinden, krijgen we helaas te horen dat er geen water in het bad staat en dat we er ook niet in kunnen in verband met een renovatie. Toch is het wel leuk om even door de tuin te wandelen en kunnen we in ieder geval ook genieten van erg mooie bomen en een heleboel vogeltjes.
Natuurlijk staan de jongetjes alweer op ons te wachten als we naar buiten komen. We vinden het niet zo erg, ze zijn best leuk en ons verder niet tot last. We lopen terug naar het centrum waar we met zijn vieren in een Pastry wat gaan eten. Een Pastry Shop is een soort theesalon waar je allerlei zoete gebakjes, koeken en donuts kunt krijgen. We gaan aan een tafeltje zitten en nemen bij de donut nog een 'sprizz' te drinken. Ook dit schijnt typisch iets voor Ethiopië te zijn, een drankje van verschillende verse vruchten. Terwijl we genieten van deze lekkernijen, kunnen we ons moeilijk voorstellen dat we echt in Ethiopi? zijn.
Omdat het buiten weer erg donker begint te worden, besluiten we om niet naar de kerk te gaan, maar terug naar de auto. Bara is tenslotte bang voor onweer en we willen hem liever niet alleen laten. Onderweg vertellen we de jochies dat we het leuk vonden dat ze met ons mee gegaan zijn, maar dat het nu echt niet meer nodig is. Bij de auto geven we ze een briefje van 10 Birr. Het is niet veel, maar we hebben ze ook al getrakteerd bij de Pastry en we hebben tenslotte niet zelf gevraagd of ze ons wilden begeleiden. Helaas denken ze daar zelf anders over en zijn ze erg teleurgesteld en eigenlijk ook wel boos. Ze beweren dat ze normaal 100 Birr per dag krijgen als ze als gids meegaan met toeristen. We zeggen ze dat ze het dan de volgende keer slimmer aan moeten pakken, want wij hebben ze niet als gids ingehuurd en ook is er nooit gesproken van een prijs. We balen even flink, omdat we dachten dat het gewoon leuke jochies waren, maar het is duidelijk dat we niet meer in Soedan zijn.
Omdat het ineens flink begint te regenen en hagelen en we de auto nog niet in orde hebben, schuilen we met Bara onder het afdak. Daarna komen we erachter dat de jochies nog niet weg zijn. Ze komen een beetje lachend naar ons toe en vragen of ze dan misschien nog 5 Birr mogen hebben, zodat ze bij de film popcorn en drinken kunnen kopen. We moeten er nu wel om lachen en geven ze snel nog 10 Birr, waarna we toch nog op een goede manier afscheid van ze kunnen nemen.
Terwijl we in de auto wat liggen te rusten, komt een van de oostenrijkse jongens naar ons toe. Zij zijn vanmiddag wel naar de kerk geweest, maar ze konden hem niet van binnen bezichtigen i.v.m. een grote mis die bezig was. Vanavond tussen 18.00 en 20.00u is de kerk als het goed is wel te bezichtigen en dus spreken we af om dan met zijn vieren te gaan.
The Debre Birhan Selassie church in Gonder.

|
Als we om zes uur beginnen aan onze wandeling loopt een doof jongetje, die we al eerder bij de koffieceremonie gezien hebben, samen met zijn vriendje met ons mee. Na een half uurtje lopen, komen we bij de Debre Birhan Selassie Church aan. Het ons enorm druk en de kerk zelf is gesloten. Al snel komt een soort priester naar ons toe gelopen. Hij legt uit dat het een heilige dag is en dat het daarom zo druk is. Om 19.00u zal de kerk open gaan en als we willen kunnen we dan wel naar binnen. Omdat we nog even moeten wachten nodigt hij ons uit om een traditioneel biertje met hem te gaan drinken.
Als we in een klein huisje komen, net naast de kerk, zitten daar al vier blanken. Het zijn belgen die een maand op vakantie zijn in Ethiopië en het is leuk om even met ze te kletsen. De priester, een schat van een man en heel zorgzaam, schenkt ondertussen het bier voor ons in. We proberen een klein slokje, maar het smaakt duidelijk niet naar bier, het is meer een mengeling van bier en koffie! We vinden het echt niet lekker en bovendien zijn we te bang dat we hiermee problemen met onze magen krijgen. Voorzichtig bedanken we hem ervoor, maar gelukkig vindt hij het niet erg en biedt de bekers meteen aan de kinderen aan.
Na een half uurtje nemen we afscheid van de belgen, zij hebben de kerk al van binnen gezien, en lopen we met de priester terug. We lopen met hem mee tussen alle mensen door en terwijl de deur geopend wordt, trekken wij onze schoenen uit. Het dove jongetje en zijn vriendje blijven buiten bij onze schoenen zitten, terwijl wij de kerk betreden. Terwijl we plaats genomen hebben op een trap, stroomt de kerk langzaamaan helemaal vol met mensen. Het neuri?n van de mensen, de witte doeken die ze hebben omgeslagen en het gedempte licht cree?ren een mistieke sfeer die nog eens extra versterkt wordt door de enigszins bedompte geur die hier hangt. Ondanks dat het een zeer speciale ervaring is, voelen we ons niet helemaal op ons gemak tussen deze diep gelovige mensen.
De kerk staat bekent om zijn kleurrijke schilderingen van het hele plafond en de muren. Deze schilderingen zijn gemaakt door 1 persoon, die hier drie jaar mee bezig is geweest. We mogen foto's en video-opnamen maken, maar zonder statief valt dat jammergenoeg niet mee. Als we afscheid nemen van de priester en de kerk verlaten, is het ondertussen buiten flink gaan onweren en komt de regen weer met bakken uit de hemel vallen.
Eigenlijk wilden we nog naar het centrum om daar wat te eten, maar we gaan nu toch maar snel terug naar de auto. We zijn doorweekt van de regen als we Bara helemaal weggedoken onder de auto aantreffen en maken snel de voorstoel in orde zodat hij hierop kan liggen. We staan er verstelt van hoe goed Bara het de laatste tijd doet. Hij gaat netjes op de stoel liggen en als we hem inpakken in een handdoek vindt hij dat lekker en valt al snel in slaap.
We geven het dove jongetje nog een handdoek kado en zeggen dat hij morgenochtend nog maar even naar ons toe moet komen. Zelf drogen we ons af in de auto, waar we nog wat biscuitjes eten en in de slaapzak in slaap vallen.